De successen en lessen van 9 jaar Rijn­hart Wo­nen: Directeur Jan de Vries blikt terug

Datum: 8-2-2018

Jan de Vries (46) begon in 2009 als directeur-bestuurder van Rijnhart Wonen. Hij was te laat met het versturen van zijn sollicitatiebrief, maar werd toch uitgenodigd voor een gesprek. Dat gesprek heeft hij afgezegd, omdat hij moest liegen over zijn afwezigheid bij zijn toenmalige baan. Al gauw kreeg hij spijt. En dus belde hij met de vraag voor een herkansing. Die kreeg hij. In dat gesprek werd hij alleen maar enthousiaster. Er was noodzaak. Hij had het gevoel echt nodig te zijn bij Rijnhart Wonen. Na bijna 9 jaar verlaat hij de woningcorporatie. Tijd voor een terugblik.

Wat was je droom toen je begon bij Rijnhart Wonen?
“Het stond er kritisch voor. Het was vlak voor de crisis en na de fusie. Er waren veel koopwoningen en dure huurhuizen, dat waren risico’s die niet ‘gemanaged’ waren. De nieuwbouw was een grote zorg. Ik wilde dat rechttrekken en uitvoeren, daar was daadkracht en klantgerichtheid voor nodig. Het doel was; een fris en modern bedrijf maken van Rijnhart Wonen.”

En is dat gelukt?
“Absoluut. Rijnhart Wonen is een leuk bedrijf. We hebben nieuwe mensen aangenomen, ook van buiten de sector. Dat houdt je bedrijf ook scherp. We investeren in opleidingen en werken samen met experts, die zorgvuldig geselecteerd zijn.”

Wat kenmerkt jouw manier van leidinggeven?
“Ik ben goed in het verbinden en enthousiasmeren van mensen. Ik kan veel energie brengen en denk in kansen. Ik kijk naar wat er wel nog is in plaats van niet. Beslissen is ook een sterk punt van me. Nee is ook een antwoord.”

Wat typeert Zoeterwoude en Leiderdorp?
“Zoeterwoude is een zelfstandige gemeente. Ze zijn heel toegankelijk en het is daar echt ‘ons kent ons’. Leiderdorp is groter en professioneler. Ze zijn daar meer op Leiden gericht. Ik voel me bij beide gemeenten heel erg thuis. Ik ben van allebei, de hoeveelheid woningen heeft niet uitgemaakt.”

Hoe was de samenwerking met de huurdersorganisaties?
“Met de één was het soms gemakkelijker zaken doen dan met de ander. De laatste bestuursperiode is heel goed gegaan. Het is soms pittig, de huurdersorganisaties zijn vanuit inhoud gedreven. We hebben sterke huurdersorganisaties. Uiteraard willen we doen wat onze klant wil, maar we nemen ook de verantwoordelijkheid voor de continuïteit van de organisatie.”

Aan welke huurders denk je nog wel eens terug?
“Ik heb mooie mensen ontmoet en ben bij fijne mensen thuis geweest. Prachtig om huurders te ontmoeten die zo blij zijn met hun huis. We hebben een aantal jaar geleden huurders opgeroepen op de stoel van de directeur plaats te nemen. Eén van de ideeën die daaruit kwam, was een voetbalcorner tussen de hoge flats die aan het water lagen. Zodat de bal niet om de haverklap in de sloot ligt. Een jonge jongen had dat bedacht. Fantastisch vind ik dat. We hebben dat kunnen realiseren.”

Wat had je graag nog afgemaakt?
“Ik baal van Brittenstein. Met de kennis van nu had ik de oude woningen laten staan. Daar hadden bijvoorbeeld spoed- of asielzoekers tijdelijk in kunnen wonen. Ik heb dat niet voor elkaar gekregen. Uiteraard had ik graag de oplevering van de nieuwe appartementen gedaan. Daarom ben ik erg blij dat we vlak voor mijn vertrek met Meerburg de ondertekening hebben gerealiseerd. En we hebben absoluut van Brittenstein geleerd. Met de Pinksterbloem verhuren we appartementen nu tijdelijk. Het is een les voor de toekomst.”

Op welke prestatie ben je het meest trots?
“Ik ben op veel prestaties heel trots. Nieuwbouwprojecten zoals het Thomashuis; een kleinschalige woonvorm voor een bijzondere doelgroep. Maar ook de Ommedijk, daar hebben we samen met Dura Vermeer echt een huzarenstukje neergezet.”

Wat typeert Rijnhart Wonen?
“We zijn dichtbij. We zijn zichtbaar in het dorp en de buurten. Bij Rijnhart Wonen werken vrolijke mensen. We zijn klantvriendelijk, maar gaan op klantgerichtheid nog een ontwikkeling maken. No-nonsens mentaliteit; niet lullen, maar poetsen.”

Wat hoop je dat er de komende jaren gedaan wordt?
“Ik geloof enorm in het beleidsplan dat er ligt. Belangrijk is dat de woningvoorraad aansluit bij de doelgroep die er is. De 600 nieuwe woningen is geen droomgetal, het is minimale noodzaak. En op het duurzame vlak zijn we wakker, de portemonnee trekken is de volgende stap. Rijnhart Wonen wil voorloper zijn.”

Wat heeft Rijnhart Wonen nodig?
“Vernieuwde energie en een frisse blik. Een sterke veranderkracht om de opgave die er ligt, waar te maken.”

Was het een moeilijke beslissing om weg te gaan?
“Nee. Het is goed om te gaan. En het is een mooi en natuurlijk moment. Ik heb twee volle bestuursperioden meegemaakt. Rationeel is het heel gemakkelijk, maar natuurlijk is het gek om het los te laten. Ik ben zo verbonden met deze organisatie en heb mooie relaties opgebouwd.”

Hoe laat je het achter?
“Er ligt een mooie ambitie. Het past bij nu. Rijnhart Wonen is verbonden met haar belanghouders. Het is niet alleen een ambitie van ons, maar ook van de omgeving. Het vormt een eenheid. We zijn financieel gezond. We hebben het vermogen om te investeren, het verschil te maken. Het is een mooie organisatie met mooie mensen. En een heel fijne plek om te werken en aan de slag te gaan. Rijnhart Wonen is sterk verbonden met Zoeterwoude en Leiderdorp. We zijn van de gemeenschap.”